Projectleider Kerst Zwart van kenniscentrum Welder:
“De regio’s moeten de taal van de financiers leren spreken”
De vijftien pilots van Sterk naar Werk zijn in volle gang. Bij enkelen is het einde al in zicht: de eersten ronden in mei af, dan is het experimentjaar afgelopen. Zaak is dat zij snel financiers vinden om de activiteiten duurzaam voort te kunnen zetten. “Mijn indruk is dat in de regio’s nog te weinig de taal van de financiers gesproken wordt”, zegt projectleider Kerst Zwart. “Het is belangrijk helder te krijgen welke interventies precies zijn ingezet, hoeveel geld deze kosten, wie dat wil en gaat betalen en uit welke pot.”
“Mijn voorlopige conclusie”, zegt Kerst Zwart, “is dat er op inhoud behoefte aan focus en verheldering wat er precies gebeurt. De pilots zijn echter nog niet afgerond, dus wacht men nog vaak op het eindresultaat. We hebben wel al de zachte onderzoeksgegevens, maar ik merk dat de toekomstige financiers met wie we in gesprek zijn, zoals gemeentes, grote werkgevers en verzekeraars behoefte hebben aan harde resultaten. Daarom is het zo belangrijk de ‘taal’ van de financiers te leren spreken, stelt Zwart: “Het is belangrijk helder te krijgen welke interventies men in de pilots heeft ingezet, hoeveel geld deze kosten, wie dat wil, maar vooral gaat betalen en uit welke pot dat geld kan komen.”
Leertraject
Binnen het project wordt daarom een leertraject ‘Borging en business van Sterk naar Werk’ ontwikkeld. Daar kunnen alle regio’s iemand voor vrijmaken, dat is al in de financiering in deze experimentfase opgenomen. “Die slag moeten regio’s toch maken. Ze hebben een SROI-analyse gemaakt die de basis kan bieden voor het gesprek met de financiers. In het leertraject zullen we gaan focussen op de voorbereiding en aanpak van zo’n gesprek.”
Subsidieaanvraag
De eerste pilots stoppen vanaf mei, ze draaien dan in principe een jaar. Een aantal projecten wil langer doorgaan, hun activiteiten verdiepen en hebben daarvoor een subsidieaanvraag bij ZonMW ingediend. “Maar wat ik nog mis in veel voorstellen, is dat er niet specifiek wordt gefocust op wat ze precies als meerwaarde bieden: wat er in de spreekkamers gebeurt en een vertaling daarvan naar de kosten. Die gegevens moeten op tafel komen en hard worden gemaakt.”
terug naar nieuwsbrief nummer 8
